Der Engel

So ein Engel tut gut, wenn er wartet, bis man ihm mitteilt, man bedürfe seiner. Das dauert manchmal länger, als er ahnt, er muß sich eben auch mäßigen, darf nicht meinen, er sei unersetzlich. Ich möchte nicht er sein, den ich zum Engel machte. Ich vergöttlichte ihn, damit er mir nirgends mehr begegne, bildhaft-unveränderlich sei, ich stets hinblicken dürfe, je nach Bedürfnis und Belieben, Mut aus dem Anblick holend. Er tut mir beinah' leid, er hat geglaubt, ich sei neugierig, werde hinter ihm herlaufen, indes ich ihn quasi in der Tasche habe oder wie ein Band um die Stirne. Ich geh nicht mehr zu ihm, sein Wert umgibt mich, mit seinem Licht seh' ich mich umstrahlt. Wer zu geben verstanden hat, wußte auch zu nehmen. Beides will geübt sein. Er entstand aus Mitleid, doch kann geschehen, daß ich Flehender mit ihm spiele. Er zweifelt, ihm bangt. Bald bin ich gläubig, bald ungläubig, und er muß es dulden, der Liebe.

aus Die Rose, 1925

De engel

Zo’n engel doet ‘t goed als hij wacht tot je hem meedeelt dat je hem nodig hebt. Dat duurt soms langer dan hij voorziet, hij moet zich nu eenmaal ook matigen, hij mag niet denken dat hij onvervangbaar is. Ik zou niet graag degene zijn van wie ik een engel heb gemaakt. Ik heb hem vergoddelijkt met als doel dat ik hem nooit meer ergens tegenkom, dat hij plastisch-onveranderlijk is, dat ik steeds naar hem mag kijken, al naar behoefte en believen, om uit zijn aanblik moed te putten. Ik heb bijna met hem te doen, hij heeft gemeend dat ik nieuwsgierig zou zijn, dat ik achter hem aan zou lopen, terwijl ik hem zo goed als in mijn zak heb of als een band om mijn voorhoofd. Ik ga niet meer naar hem toe, zijn waardigheid omringt mij, met zijn licht zie ik mezelf omstraald. Wie goed heeft kunnen geven, weet ook te nemen. Beide behoeven oefening. Hij ontstond uit medelijden, maar het kan gebeuren dat ik al smekend met hem speel. Hij twijfelt, is bang. Nu eens ben ik gelovig, dan weer ongelovig, en hij moet het verdragen, de lieverd.

vertaling m.b.